Je eetpatroon veranderen

Je weet het zeker: je wilt je eetpatroon veranderen. En wel vandaag. Het moet maar eens afgelopen zijn met dat ongecontroleerde gesnaai en dat steeds maar toegeven aan cravings. En bovendien wil je nu toch echt van dat overtollig vet rond je middel af.

“No pain no gain”, denk je bij jezelf, want je weet ook wel dat elk pondje door het mondje gaat. Vol goede moed spreek je jezelf toe dat je vandaag maximaal drie keer gaat eten: ontbijt, lunch en diner. Vandaag is de start van je nieuwe gezonde eetpatroon.

De ochtend kom je prima door en je bent tevreden met alleen een kopje koffie rond een uur of tien. Na de lunch ben je trots op jezelf want je hebt helemaal geen tussendoortje genomen en je weet zeker dat je het gaat halen tot het avondeten. So far so good.

In de loop van de middag krijg je ineens een onbedwingbare trek, die je probeert te negeren. Dat lukt een uurtje en dan voel je de onrust. Na twee extra koppen thee is de honger niet gestild en je móet gewoon wat pakken. In je tas zit altijd wel wat te eten en je vist er twee toffees van je kind uit, waar je normaal je neus voor op zou halen.

Op weg naar huis, bedenk je je dat je pijlsnel met het eten klaarmaken gaat starten. Hoe eerder je aan tafel kan, hoe minder kans op snacken. Na een vette avondspits kom je moe thuis. Met je jas nog aan, kijk je om je heen of niemand je ziet en graait een handje chips uit de zak, die toch nog open was van het weekend. Daarna ben je nog niet verzadigd en neem je ook nog een brok van die té lekkere reep Tony’s caramel zeezout. “Shit”, denk je twee minuten later, “Weer niet gelukt. Je eetpatroon veranderen is nog niet zo makkelijk. Nou ja, dan morgen maar beginnen hoor.”

De volgende dag start je opnieuw, maar al tijdens de koffiepauze kom je erachter dat je collega jarig is en vandaag trakteert. Al gauw heb je in de gaten dat dit alweer geen goede dag is om te beginnen met je nieuwe lifestyle inspanningen. Want eenmaal zoet geproefd hou je de hele dag trek in iets lekkers. 

Weer een dag later sta je moe op na een slechte nacht. Je loopt de hele dag achter de feiten aan en snakt naar wat zoets. Je hebt er een harde dobber aan je cravings te weerstaan. Eenmaal thuisgekomen plof je op de bank en zegt: “Vandaag even niks klaarmaken hoor, ik haal wel patat.”

En voor je het weet is zo de halve week al om en heb je geen enkele dag voor elkaar gekregen, waar je maandagochtend nog heilig van overtuigd was dat het deze keer toch echt ging lukken.

 

Zo lukt het wel!

 

Herkenbaar? Voor mij in ieder geval wel. Ik heb mezelf heel lang door bovenstaande situaties laten leiden en had steeds weer een excuus. Of ik haakte af als ik een soort afkickverschijnselen kreeg zoals een wattenhoofd, onrust, moodswings en een trillerig gevoel, toen ik wilde stoppen met suiker.

Ik ontdekte dat een leefstijlverandering vooral met mindset te maken heeft. Want ik wilde het zelf heel graag maar mijn hersenen waren niet gecharmeerd van het idee dat ik wat kilo’s kwijt wilde. Iets winnen, ja dat staat ons brein wél aan maar iets verliezen, nee dat klinkt niet goed. Het is dus verstandiger om het anders te formuleren naar jezelf toe. Je gaat door de suikers te laten staan bijvoorbeeld gezondheidswinst behalen, je conditie verbeteren, beter doorslapen en uitgerust opstaan; daar hebben je hersenen wel oren naar.

Kijk dus vooral welke winst er te behalen valt voor jouw lichaam. Wat kun je straks wel wat je nu niet kunt?

 

Afkick-tussendoortjes

 

Als je je eetpatroon wilt veranderen, heeft je lijf even tijd nodig om zich aan te passen. Nieuwe gewoonten kosten tijd. Niet iedereen kan in een keer hardcore stoppen. Als jij gewend was om iedere keer als je in de keuken bent, je hand in de drop pot te steken, dan kost het moeite om dit te laten. Begin dan allereerst met vervangen van ongezonde door gezonde tussendoortjes en beperk je tussendoortjes dan een voor een. Zo verander je je eetpatroon stapsgewijs. 

Ik geef je hier wat ideeën om uit te kiezen voor als je het echt niet meer volhoudt én om te voorkomen dat je naar ongezonde en of suikerrijke tussendoortjes grijpt. Als je zorgt dat je dit in huis hebt, kun je dat voorkomen:

Olijven, komkommer met wat gerookte zalm erop, handje ongebrande noten, paar plakjes kipfilet, halve avocado, scheutje olijfolie en zout, gekookt eitje, rauwkost met wat guacamole of een stukje pure chocola (boven de 75% cacao).

Drie eetmomenten per dag

 

Niet meer dan drie eetmomenten per dag is essentieel voor gezonde spijverteringsorganen en een stabiel energieniveau. Het is belangrijk om gevarieerd en energierijk voedsel te kiezen voor tijdens die momenten. Met energierijk bedoel ik voeding die goede nutriënten bevat zoals eiwitten en gezonde vetten. Zo heb je de meeste kans om je eetpatroon blijvend te veranderen, en niet terug te vallen in oude patronen.

Hoe zit het dan met de veel gegeven adviezen dat je meerdere kleine porties per dag moet eten, om je goed te voelen? Dit advies komt voort uit het feit dat vele Nederlanders een onstabiele bloedsuikerspiegel hebben. En dan voelt vaker wat eten fijner. Maar dat wil niet zeggen dat gezond is.
Vaker eten kost je lichaam zelfs enorm veel energie!  

Je spijsverteringsstelsel (maag, darm, lever, alvleesklier, hormonen) moet namelijk constant ‘aan’ staan. Er zijn geen rustmomenten meer voor herstel. Je alvleesklier moet steeds insuline afgeven om de bloedsuikerspiegel stabiel te krijgen. Hierdoor kan hij te weinig spijsverteringsenzymen afgeven, waardoor je je voeding niet meer goed kunt verteren. 

Zo kom je in dat cirkeltje terecht waar je afhankelijk bent van snelle suikers om je prettig te voelen. Je hebt dan trek (erge trek!) in koolhydraatrijk of hartig (zout) voedsel. En dat zijn dus die welbekende  cravings. 

 

Kirsten Elsdijk

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Winkelwagen
Scroll naar top